BlogSardinie

Boot

Om op Sardinië te komen kun je twee dingen doen: vliegen of varen. Aangezien Jokertje vliegangst heeft gaan wij met de boot. Je kunt vanaf verschillende havens vertrekken, wij kiezen voor Livorno omdat dat het dichtstbij Bologna ligt. Er gaan twee boten per dag en je moet twee uur van te voren aanwezig zijn.
Als we (te laat) aan komen tuffen staan er al heel wat auto’s en campers in de rij om de boot op te gaan. Opvallend is ook de hoeveelheid aanwezige Duitsers op enorme motoren.

Gelukkig is er nog plek op de boot. We sluiten aan en wachten geduldig.
Een uur later horen we de eerste motoren onrustig ronken: De boot is aangekomen. Binnen 10 minuten is het totale chaos. Geschreeuw, geronk, getoeter.
Uiteindelijk blijkt er toch een soort systeem in te zitten. De auto’s worden begeleid door brullende Napoletanen die vooral de toeristen in de maling nemen.
“Oh my god, avanti you lazy olandesi!” roept er een. Andrea vertelt dat hij Italiaans is. De man brult: “Woon je in Amsterdam? En je hebt niet eens wat voor me mee genomen?”

Opgewonden parkeren we tussen de andere campers. Nu gaat ons avontuur echt beginnen!
Niet iedereen slaapt in de camper, de meesten hebben een hut gehuurd.
Wij blijven Jokertje trouw en installeren de bedden. De camper wordt heen en weer gewiegd door de deinende zee en langzaam zakken we weg in een golvende slaap. S’nachts gaat het golven over in klotsen en bouncen we door de camper. Luna vindt het heerlijk en snurkt lekker verder.
De volgende ochtend schrikken we wakker van vreemd gebrabbel: Een Sardijnse stem zegt dat we over 10 minuten aanmeren bij Olbia.
Ongewassen en half slapend gooien we alle spullen achterin en starten de motor.
“Avanti Amsterdam!” brult de Napoletaan lachend als hij ons naar buiten leidt.

De zon schijnt en de frisse zeelucht komt ons tegemoed.
We zijn op Sardinië!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *